Huisdieren bij depressie

Huisdieren kunnen een belangrijke rol spelen bij het leefbaar maken en herstellen van een depressie. De therapeutische werking van huisdieren bestaat uit het feit dat het levende wezens zijn die je gevoel aanspreken omdat ze herkenbaar zijn. Ze kunnen iemand troost, warmte en veiligheid bieden en ze zijn te vertrouwen. Aangezien ze voor hun verzorging afhankelijk van ons zijn, spreken ze mensen aan op hun verantwoordelijkheidsgevoel waarbij het verzorgen weer afleidt van de eigen problemen. Huisdieren zorgen ook voor structuur in iemands leven en omdat ze ontspanning bieden vormen ze aanknopingspunten voor gesprekken.

Psychische effecten huisdieren op stemmingsstoornissen

De interactie met huisdieren brengt een vermindering van stress teweeg, vooral door het aaien ervan, maar ook door de lichamelijke beweging die ermee gepaard gaat. Dit laatste geldt met name voor hondenbezitters. Daarnaast gaat er een kalmerende werking van dieren uit. Ook verbeteren ze het welzijn en de psychische gezondheid waardoor iemand zich lichamelijk beter zal voelen. Huisdieren vervullen namelijk de menselijke basisbehoefte van aanhankelijkheid en geven sociale steun. Daarnaast bevorderen ze sociale interactie en contact met mensen waardoor hun sociale gedrag verbetert. Door hun aanwezigheid verminderen ze eenzaamheid. Mensen die in gezelschap van hun huisdier verkeren komen op anderen gelukkiger, vriendelijker, minder bedreigend en ontspannener over.
Dieren zorgen ervoor dat hun eigenaren minder angstklachten en/of depressieve symptomen ervaren, ze verminderen gedragsproblemen, verbeteren de stemming en de kwaliteit van leven en verhogen iemands eigenwaarde. Ongehuwde vrouwen met huisdieren vertonen veel minder depressieve klachten dan vrouwen zonder huisdier. Ditzelfde geldt voor aidspatiënten met dieren in huis. Ouderen die huisdieren hebben leiden minder aan depressies. Huisdieren kunnen als spiegel fungeren en iemand waarschuwen bij ontregeld gedrag.

Opvallend is dat mensen met huisdieren minder beroep doen op de zorg, de opkomst op therapieën verhoogt en daarbij verbeteren dieren het therapeutisch contact. Therapieën die uit veel zittingen bestaan leiden daarbij tot meer effect dan die met weinig zittingen.


Zorgboerderijen vangen mensen met psychische problemen op. De basis van het therapeutische effect bestaat hierbij uit de band die een cliënt met het dier aangaat. In de meeste gevallen herkent deze iets van zichzelf in het dier. Naast deze band is de veiligheid en rust die dieren kunnen geven belangrijk.

Lichamelijke effecten huisdieren op depressie

Uit onderzoek blijkt dat huisdieren ook gunstige effecten op de lichamelijke gezondheid van mensen kunnen hebben. Zo blijkt de hartslag af te nemen, zijn de risicofactoren voor hartziekten onder huisdierbezitters lager en overleven deze vaker na een hartinfarct. Verder bezoeken mensen met huisdieren de dokter minder frequent en laten een daling van het medicijngebruik zien. Hoewel alle huisdiereigenaren een afname van de gezondheidsklachten laten zien, zijn deze bij hondenbezitters zelfs na tien maanden nog aanwezig.

Ondersteuning door dieren

Naast de interacties die spontaan tussen mensen en hun huisdier tot stand komen kan onderscheid gemaakt worden naar:

  • Dier-ondersteunende activiteiten, die erop gericht zijn de kwaliteit van leven te verbeteren. Dier-ondersteunende activiteiten kunnen bestaan uit dieropvangprojecten waarbij cliënten hun huisdier naar de psychiatrische instelling kunnen meenemen waar deze met andere cliënten verzorgd zal worden.
  • Dier-ondersteunende therapie waarbij een dier onderdeel van het behandelproces uitmaakt. De uitvoering hiervan vindt plaats door een professioneel behandelaar en de doelstelling is expliciet therapeutisch. Een dier kan de motivatie van cliënten verhogen en het tot stand komen van de therapeutische relatie versnellen. Ook bestaat de mogelijkheid dat ze emoties en gespreksonderwerpen oproepen die anders niet opgekomen zouden zijn. Ze kunnen verder als rolmodel fungeren waarbij ze als voorbeeld dienen voor de interactie tussen henzelf en de therapeut. Mensen die moeite hebben zich aan andere mensen te hechten kunnen dit via de band die ze met een dier opbouwen opnieuw leren ontwikkelen.
  • Dier-ondersteunde interventies waarbij dieren weloverwogen bij het herstel of therapeutisch proces worden betrokken. Hieronder vallen zowel de dier-ondersteunende activiteiten als de dier-ondersteunende therapie. Bij dit soort interventies zijn voornamelijk honden en in mindere mate katten betrokken, maar ook andere diersoorten zijn mogelijk. Ook bij volwassenen met een depressie worden dier-ondersteunende interventies ingezet.

Daarnaast bestaan hulpdieren zoals psychiatrische hulphonden, die speciaal getraind zijn om mensen met psychische problemen te begeleiden. Zij kunnen hun bazen waarschuwen en hen tot steun zijn zodra ze psychiatrische symptomen waarnemen (zie hiernaast). De cliënt speelt een actieve rol bij het selecteren en trainen van de hond zodat ze een team zullen gaan vormen. Hierbij wordt deze begeleid door een gespecialiseerde hondentrainer. Ook de behandelaar zal door de cliënt betrokken worden bij het inzetten van de hond.

Risico’s werken met huisdieren

Het werken met huisdieren in zorginstellingen of therapiesituaties kan echter ook met bepaalde risico’s gepaard gaan. Zo kunnen de dieren ziekten of ongedierte op de mens overbrengen zoals bijvoorbeeld vlooien/teken of allergische reacties veroorzaken. Houdt men zich echter aan een de noodzakelijke veterinaire zorg en wordt de gebruikelijke hygiëne in acht genomen dan is de kans op een gezondheidsrisico klein. Allergieën van medecliënten zijn over het algemeen te voorkomen door niet in dezelfde ruimte als het dier aanwezig te zijn en daarbij goed te ventileren. Vlooien en teken kunnen bestreden worden met de daarvoor in de handel verkrijgbare producten.
Daarnaast kunnen dieren overlast veroorzaken waarbij te denken valt aan stank- of geluidsoverlast, haaruitval, uitwerpselen en beschadigingen aan het meubilair. Verder kan het een extra belasting voor het personeel opleveren voor de dieren te zorgen en bestaat het gevaar van ongelukken waaronder bijtwonden of valincidenten onder bejaarden. Dit soort wonden zijn te voorkomen door vooraf een goede selectie van de dieren te maken en deze te trainen, waarna de nodige voorlichting en begeleiding volgt. Als laatste mag het welzijn van de dieren zelf nooit in het gedrang komen waarbij te denken valt aan misbruik of mishandeling van de dieren in kwestie. Ook kunnen dieren gestrest raken van het contact met vreemden.

Door de site te te blijven gebruiken, gaat u akkoord met het gebruik van cookies. meer informatie

De cookie-instellingen op deze website zijn ingesteld op 'toestaan cookies "om u de beste surfervaring mogelijk. Als u doorgaat met deze website te gebruiken zonder het wijzigen van uw cookie-instellingen of u klikt op "Accepteren" hieronder dan bent u akkoord met deze instellingen.

Sluiten